logo

Grundtvig leerpartnerschappen

Grundtvig leerpartnerschappen

Organisaties met een lerarenopleiding kunnen meedraaien in een kleinschalig Europees project. 

Wat?
Instellingen voor volwasseneneducatie uit minstens 3 Europese landen werken samen een kleinschalig project uit. Bijvoorbeeld: Vlaamse, Spaanse en Finse cursisten Frans die samen een Franstalig verhaal schrijven; ervaringen uitwisselen over de educatie binnen de gevangenis; samen met de partners uitdokteren hoe je eLearning of afstandsleren kan integreren in het volwassenenonderwijs, enz.
Bedoeling is dat de partners aan de hand van bepaalde thema's informatie en ervaring uitwisselen en/of dat lerende volwassenen actief aan het project meewerken.

Voor wie?
Grundtvig is bedoeld voor organisaties van het volwassenenonderwijs:
- binnen het formele leersysteem: scholen, universiteiten en andere instellingen die cursussen aanbieden die leiden tot een officieel erkend diploma
- binnen het niet-formele systeem: volkshogescholen, verenigingen, ondernemingen, ziekenhuizen, gevangenissen, enz.
- binnen het informeel onderwijs: CVO's, musea, bibliotheken, vakbonden, enz.

Met wie?
Het partnerschap wordt afgesloten tussen minimum drie organisaties van de volwasseneneducatie uit de landen van de EU, Noorwegen, IJsland, Liechtenstein, Zwitserland, Kroatië enTurkije.

Hoe lang?
De leerpartnerschapsprojecten duren twee jaar.

Beurs?
Het bedrag van de subsidie hangt af van het aantal mobiliteiten (= aantal docenten of lerenden dat naar het buitenland reist voor een projectmeeting) tijdens het project. Voor 2012 zien de beurzen er als volgt uit:

  • minstens 4 mobiliteiten: een forfaitaire subsidie van 7.000 euro.
  • minstens 8 mobiliteiten: een forfaitaire subsidie van 11.000 euro.
  • minstens 12 mobiliteiten: een forfaitaire subsidie van 15.000 euro.
  • minstens 24 mobiliteiten: een forfaitaire subsidie van 20.000 euro.
Vooraleer de aanvraag effectief ingediend wordt, kunt u een voorbereidend bezoek brengen aan uw partners. Hiervoor ontvang je de nodige subsidies.

Indienen?
Elke partner dient een (gezamenlijk opgemaakte) aanvraag in tegen 21 februari bij het Nationaal Agentschap om in het volgende schooljaar van start te gaan.

Meer info?
www.epos-vlaanderen.be/?CategoryID=206&ArticleID=117